In 2020 publiceerde FNV het rapport 'Temper is een uitzendbureau' — een analyse van hoe het bemiddelingsplatform Temper met zzp'ers ('FreeFlexers') werkte. De conclusie: Temperaars werkten in de praktijk als uitzendkracht, niet als zelfstandige. Geen onderhandelingsruimte over het tarief, werken onder leiding en instructies, nauwelijks vrije vervanging, en betaling die volledig via het platform liep.
Dat rapport is een pleitdocument van een belangenbehartiger, geen rechterlijke uitspraak — en het dateert van vóór de twee arresten die de toetsing van arbeidsrelaties sindsdien het meest hebben bepaald: het Deliveroo-arrest (Hoge Raad, 24 maart 2023) en het Uber-arrest (Hoge Raad, 21 februari 2025). Wij nemen geen standpunt in over hoe Temper vandaag concreet werkt of zou worden beoordeeld — dat is aan de rechter. Wat we wél deden: de kritiekpunten die destijds werden genoemd naast het huidige officiële toetsingskader leggen, en laten zien welke structurele keuzes CaredIn daarin heeft gemaakt.
Waarom dit elk zorgplatform met zzp'ers raakt
De vraag die FNV destijds over Temper stelde — is dit platform in de praktijk een bemiddelaar tussen twee ondernemers, of fungeert het als werkgever met een digitaal jasje eromheen — geldt voor elk platform dat zorgprofessionals aan instellingen koppelt, CaredIn inbegrepen. Dat is precies waarom we het officiële toetsingskader serieus nemen in onze eigen productkeuzes, niet alleen in onze voorwaarden.
Het kader in het kort: holistische toets, negen gezichtspunten
De Belastingdienst publiceert jaarlijks een geactualiseerd 'Beslis- en afwegingskader' voor de vraag of een arbeidsrelatie een arbeidsovereenkomst is (uitgave april 2026, gebaseerd op art. 7:610 BW en Hoge Raad-rechtspraak). Kern: eerst wat er feitelijk is afgesproken en hoe dat wordt uitgevoerd, dan of die praktijk aan de eisen van een arbeidsovereenkomst voldoet — waarbij de feitelijke uitvoering zwaarder weegt dan het contract. Daarbinnen negen gezichtspunten, zonder vaste rangorde: aard/duur van het werk, wie werkwijze/tijden/locatie bepaalt, inbedding in de organisatie, verplichting tot persoonlijk werk, hoe afspraken tot stand kwamen, hoe de beloning wordt bepaald en uitbetaald, de hoogte van de beloning, wie het commercieel risico draagt, en of iemand zich als ondernemer gedraagt.
Het Uber-arrest voegde een belangrijke nuance toe: het laatste gezichtspunt gaat ook over ondernemerskenmerken buiten de ene te beoordelen relatie. Het Gerechtshof Amsterdam oordeelde vervolgens dat een deel van een groep Uber-chauffeurs géén arbeidsovereenkomst had, terwijl dat voor anderen onvoldoende viel te beoordelen — hetzelfde werk kan dus bij de ene professional wél en bij de andere níet een arbeidsovereenkomst opleveren. Geen platform kan dus claimen 'bij ons ben je gegarandeerd zelfstandige' — dat zou het kader zelf tegenspreken. De juiste vraag is niet of een platform in het algemeen goed of fout zit, maar of het de juiste instrumenten biedt om dat per individuele professional aantoonbaar te maken.
Structurele vergelijking
Kritiekpunten die FNV in 2020 over Temper noemde (in eigen woorden samengevat, niet geciteerd), naast wat CaredIn in zijn eigen platform heeft gebouwd. Dit zijn beschrijvingen van productontwerp, geen juridische conclusie over de status van een individuele professional.
| Gezichtspunt | FNV over Temper (2020) | CaredIn |
|---|---|---|
| Tarief | Tarief lag vast, weinig tot geen onderhandelingsruimte volgens de bevraagde werkers. | Tarief wordt onderhandeld en vastgelegd per opdracht, zichtbaar voor beide partijen. |
| Beloning uitbetalen | Platform verzorgde de facturatie namens de werker via een factoringconstructie. | De professional geeft zelf akkoord op zijn factuur — CaredIn genereert niets automatisch namens hem. |
| Vervanging | Vervanging was volgens het rapport niet of nauwelijks mogelijk. | Vervangingsrecht is een bestaande functie, door de professional zelf te initiëren. |
| Ondernemersgedrag | Weinig zicht op opdrachtgevers buiten het platform, volgens het rapport. | Zelfstandigheidsindicatie en ondernemersdossier maken opdrachtgevers buiten CaredIn zichtbaar en aantoonbaar. |
| Uurtarief-signaal | Niet van toepassing — dit instrument bestond in 2020 nog niet. | Automatische waarschuwing bij een tarief onder de rechtsvermoeden-grens (€ 38). |
Wat dit wél en niet betekent
Zoals het Uber-arrest laat zien: geen enkel platform kan garanderen dat iedereen die erop werkt zzp'er is. De aard van zorgwerk maakt bovendien één gezichtspunt — inbedding in de organisatie van de opdrachtgever — structureel lastig te vermijden: een dienst vindt nu eenmaal plaats op de locatie en tijd van de instelling, net zoals werk op een bouwplaats. Dat is geen tekortkoming van CaredIn, maar een kenmerk van het werk zelf.
Wat een platform wél kan doen: de andere acht gezichtspunten zo inrichten dat de praktijk aantoonbaar overeenkomt met zelfstandig ondernemerschap, en de professional de instrumenten geven om dat zelf te bewijzen. Concreet biedt CaredIn: vastgelegde tariefonderhandeling, zelf akkoord geven op de eigen factuur, een bestaand vervangingsrecht, een zelfstandigheidsscore en ondernemersdossier per individuele professional, en een automatische rechtsvermoeden-waarschuwing.
Niets hierboven verandert de holistische toets zelf. Een professional die op CaredIn werkt, is zzp'er of niet op grond van de feitelijke uitvoering van het werk — niet op grond van wat een platform daarover schrijft. Wat CaredIn bouwt, is de infrastructuur om die feitelijke uitvoering zichtbaar en aantoonbaar te maken, voor wie er zelf naar wil kijken.
CaredIn Witboek downloaden
Dezelfde analyse, met volledige gezichtspunten-tabel en bronvermelding — als PDF.
Download als PDF →Bronnen: FNV, 'Temper is een uitzendbureau' (2020) — samengevat, niet geciteerd. Belastingdienst, Toelichting Beoordeling arbeidsrelaties — Beslis- en afwegingskader (uitgave april 2026). Hoge Raad 24 maart 2023, ECLI:NL:HR:2023:443 (Deliveroo). Hoge Raad 21 februari 2025, ECLI:NL:HR:2025:319 (Uber). Gerechtshof Amsterdam 27 januari 2026, ECLI:NL:GHAMS:2026:163 (Uber, vervolg). Dit artikel en het bijbehorende witboek vormen geen juridisch advies.